nl en es
LOGIN
Login of maak een account aan
Avatar
Nog geen account?

Maak een gratis account aan.

Wachtwoord vergeten? - Gebruikersnaam vergeten?

Herinner mij

logo-anbi.jpg

Door Trudi Ooms

Iedereen de Siep inmiddels een beetje volgt weet dat ze half windhond (Podenco Ibicenco) en half Mastin is. Ze heeft de kleuren van de Ibicenco en ook de slanke lange poten maar het lijf van een Centurion tank, Mastin dus. Haar kop is klein in verhouding met de rest van haar lijf en heeft meer kenmerken van een mastin dan van een Podenco. Persoonlijk vind haar een prachtig en ik krijg ook regelmatig de vraag wat voor soort ras ze is. En daar zit nu net de crux. Veel mensen kennen de Podenco en/of de Mastin niet. Als ik zeg dat het hiervan een mix is moet ik steevast uitleggen dat een Podenco een Spaanse hond is die onder de categorie windhonden valt die voornamelijk in Spanje voor de jacht gebruikt dan niet misbruikt worden en dat een Mastin ook een Spaanse hond is die veelal voor de bewaking op het erf gebruikt wordt maar dan aan een ketting. Meestal sla ik dan ook meteen maar door en vertel de mensen hoe de (jacht)honden in Spanje behandeld worden en dat men beter kan adopteren dan bij een broodfokker kopen. Meestal zijn het dan net die mensen die een rete dure Vizla, Ridgeback of Labradoedel bij zich hebben en die uiteraard ook nog eens keurig naast de voet staat of zit, terwijl ik de mijne met kunst en vliegwerk op de stoep probeer te houden daarbij mijn best doend om mijn been niet af te laten knellen omdat Siep er twee keer omheen gedraaid zit. 

Ik heb ook, sinds Floss en Siep er zijn, het idee dat mijn armen zo’n 20 cm langer zijn maar dit even terzijde. Maar goed, met deze uitleg raak ik de meeste “geïnteresseerden” ook net zo snel weer kwijt. Dus als men tegenwoordig vraagt wat voor ras Siep is zeg ik alleen maar dat ze een windhond is. En daar is geen woord van gelogen!  Natuurlijk krijg ik steevast de verbaasde reactie “een windhond?” “Ja mevrouw, dit is toch echt een windhond” zeg ik dan resoluut. “Nou sorry hoor, maar daar lijkt ze helemaal niet op. Die zijn toch altijd veel dunner? Net als die andere die u bij u heeft”. “Nou mevrouw, dan heeft u haar nog nooit geroken”. “Geroken?”  “Ja mevrouw, deze mooie hond doet haar rasnaam alle eer aan” 

Want allemachtig wat kan onze Siep winden laten. En niet eens van die stiekeme stille nee gewoon van die knetterharde knallers. De eerste keer hadden mijn partner en ik er zelfs bonje om omdat we elkaar de schuld gaven. Het was zo’n harde dat dat nooit Siep kon zijn. Dachten wij naïevelingen hè.  Maar toen ze even later, terwijl ze heel nonchalant op de bank ging zitten, een keiharde langgerekte scheet liet konden we er niet omheen. Onze Siep is een onvervalste windhond! En dan het liefst ook nog even lekker ongegeneerd aan haar achterkant sniften hè. 

Maar u begrijpt dat ik ook met deze uitleg mijn toehoorders snel kwijt raak. De meesten kijken me zelfs een beetje meewarig aan. En nog voordat ik mijn betoog over de situatie van de hond in het algemeen in Spanje kan spuien lopen ze meestal snel door. Hun raspaardje met zich mee sleurend.  “Kom Siep, zeg ik dan lichtelijk teleurgesteld “we gaan naar huis een lekker penskluifje scoren. Dan knallen ze niet alleen maar stinken ze ook”.